• Tinne Horemans

Dominee maakt vuist tegen ‘christelijke’ Orbán

“Een glaasje rode wijn of … ?” De hulpdominee houdt een karaaf onder mijn neus.

Het is vroeg in de ochtend in een protestants kerkje even buiten Boedapest. Moet ik nu al aan de wijn? De avond ervoor werd het laat in een Boedapester jazzclub; ik voel nog een lichte kater.

“Heeft u ook iets fris?”


Als bloed van Christus kies ik voor een glaasje bessensap. Daar komt ook de dominee. Gestoken in een zwart gewaad loopt hij met trage tred en maakt hij de statige bewegingen die bij een kerkleider passen. Hij reikt me het lichaam van Christus aan, maakt een lichte buiging, werpt een blik op me, zegt zacht iets in het Hongaars en gaat dan weer verder.


Ik keek net in de ogen van de bekendste Hongaarse dominee, Gábor Iványi. Iványi, die in de jaren ‘90 Viktor Orbáns huwelijk zegende en ook zijn kinderen doopte, is vandaag een felle tegenstander van diezelfde Orbán, de huidige premier van Hongarije.

De 70-jarige dominee, die zich dagelijks inzet voor de zwakkeren in de Hongaarse samenleving, verfoeit en veracht Orbáns ‘asociale, corrupte’ politiek. Openlijk. In Hongaarse en in buitenlandse media. Uit wraak draaide Orbán de geldkraan naar zijn kerk al dicht. Iványi moet het zonder overheidsinkomsten zien te rooien. Uit angst voor hetzelfde lot houden andere pastoors en dominees zich koest. Iványi gaat gewoon door. We hebben een afspraak voor een interview na de kerkdienst.


Om 9u zit ik onopvallend op de achterste bank van dit sobere protestantse kerkje. Het ziet er allemaal wat armoeiig uit: de geluidsinstallatie hapert, het houtwerk aan de buitenkant van de kerk is verrot. Iványi spreekt de kerkgangers toe van achter een laag, houten tafeltje. Een vrouw steekt haar hand op. “Miriam?” vraagt hij. Miriam is ongeveer 50 jaar, blond, draagt een donkerblauwe winterjas met felroze sjaal en even felroze muts met pompon. Ze krijgt het woord en praat honderduit, wel een minuut of vijf. Ik heb geen idee waarover het gaat. Vertelt ze wat haar dwarszit? Klaagt ze over een vervelend voorval? Of iets anders? Na Miriam is het de beurt aan Judith, Marianne, Sándor… “Köszönöm szépen” zegt Sándor ootmoedig aan het eind van zijn exposé. “Veel dank”. “Ninc köszönöm”. De dominee schudt zijn hoofd. “Geen dank.”


Rechts vooraan maakt een vrouw notities. Geeft de dominee af en toe interessant vaderlijk advies?


Aan het eind van deze zondagdienst, die anderhalf uur duurde, neemt de dominee van alle kerkgangers persoonlijk afscheid. En dat afscheid kan ook nu weer minutenlang duren. Bewonderenswaardig, zo veel geduld. Vanwege mijn schuchterheid wil ik dit ritueel liever niet ondergaan, maar als iedereen de kerk uit is, komt hij naar me toe, neemt me vast bij m’n schouders en verwelkomt me in zijn kerk. “Egy kicsit beszélek magyarul”, zeg ik verontschuldigend. Iványi richt zich daarna tot Tijn die de opname voor het interview heeft gestart.

Tijn: "Begin jaren '90 zegende u het huwelijk van Orbán. Destijds een langharige rebel. Iemand die zich openlijk uitte als seculier. Vandaag proclameert hij zichzelf als 'voorvechter van het christendom'.

Voelt u zich misbruikt?"


"Ja", antwoordt Iványi met een van spijt vertrokken gezicht.


Het volledige interview met Gábor Iványi verschijnt binnenkort op Balkandashboard.




159 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven